Jeanine Laudy

LetterProfessor

INFO@JEANINELAUDY.NL

Als een vis op het droge

zwembadOyoooooooh! Inademen. Uitademen onder water. Omhoog duwen. Oyooooooooh! Inademen. Uitademen onder water. Omhoog duwen. Een vriendin leert me de professionele manier van de schoolslag. Niet dat nette ‘armen naar voren strekken, hakken naar je kont toe, armen in een boog naar buiten en benen uitduwen’, zoals ik de eerste baantjes zwom. Samen met haar fysiotherapeut, Fysio_E, liggen we in het Mirandabad in Amsterdam. Eerst nog binnen, want het is best koud. Maar al snel vertrekken we naar het buitenbad, zodat we iets meer ruimte hebben voor mijn – zo voelt het – eerste zwemlessen. Ik heb als kleine meid gewoon mijn zwemdiploma’s A, B en C gehaald, dus ik heb het ooit allemaal gekund; borst crawl, rug crawl, vlinderslag, een mooie duik, onder water zwemmen. Maar ik voel me nu een stuntelaar, als ik mijn geleende badmuts niet op krijg en in het eerste baantje het equivalent uitvoer van Marianne Vos van haar fiets afmeppen (in de snelle baan mijn nette schoolslag-versie uitvoeren). Ik dacht dat ik gezellig een uurtje met een vriendin ging zwemmen en wat bijkletsen. Verkeer gedacht. Dit is nog hard werken! Daarbij helpt het niet dat die leuke Fysio_E zich als een ware zwemprof in het water voortbeweegt. En vriendin R. met haar dagelijkse zwemsessies nu ook al flink wat techniek in huis heeft. Dus het wordt hun gezamenlijke doel mij ook wat zwemtechniek bij te brengen. Niks geen geavanceerde crawls vandaag, ik moet de schoolslag maar onder de knie krijgen. In plaats van mijn lieve, danserige armbewegingen (tja, al die jaren ballet, hè) moet ik mijn armen als in een sprint aanspannen. En met een krachtige oerbeweging mezelf omhoog duwen. Oyoooooooooooh! dus. Het lukt niet, ik heb veel te kort de tijd om mijn longen weer te vullen met lucht voor ik opnieuw het water in duik. Dan zwem je toch wat langzamer?, oppert R. Dan heb je namelijk meer tijd om uit en in te ademen en kost het je ook minder energie. ‘Ja en dan zie ik er nóg stunteliger uit, bedankt!’ – wil ik stilletjes tegen haar zeggen. Maar ik zeg niks en volg haar advies op. Als we bezig zijn met een piramide voor onze armen stoppen de twee halverwege het baantje om te zien hoe ik het doe. Ik lig nog helemaal aan het begin van het baantje, want ik ga nog niet zo snel. Ze zeggen dat ik het best oké doe, maar zo voelt het voor mij niet. Ik slik halve liters chloorwater in, kom nauwelijks vooruit en begin nu ook flink wat (spier)pijn aan mijn armen te krijgen, aangezien ik die als renster veel minder train dan mijn benen. Na ruim een uur in het water wordt er geopperd het zwembad uit te gaan om een pannenkoek te gaan eten. Enigszins nonchalant zeg ik dat me dat een goed plan lijkt, maar stiekem ben ik ontzettend blij! Weg uit deze bak water waar ik me als een vis op het droge voel. Ik geloof niet dat ik voor zwemmen dezelfde aanleg heb als voor fietsen. Triatleet zal ik in elk geval nooit worden. Hoe leuk Fysio_E ook mag zijn; zet mij maar gewoon op een fiets!

Foto: eHow