Jeanine Laudy

LetterProfessor

INFO@JEANINELAUDY.NL

“De andere kant van…” Mij

Onderstaand stuk werd deze maand gepubliceerd in het personeelsblad van de Universiteit Leiden. Ook daar weten ze nu van mijn fietshobby en schrijverscarrière. Een aardig stukje, geschreven door een collega die blijkbaar ook over enkele journalistieke kwaliteiten beschikt.

Naast haar baan bij de universiteit is Jeanine Laudy (SOZ) wielrenster en freelance journalist. Eind 2013 verscheen een boek van haar hand, over de vrouwelijke variant van de Ronde van Italië. Maar haar grootste liefde is het theater: ze hoopt op een goede dag ook daar haar beroep van te kunnen maken.

936947_418720084893882_558866502_nSchrijven over de wielersport
Haar schrijfactiviteiten begonnen zo ongeveer toen Jeanine enkele jaren geleden het plan opvatte om te gaan fietsen voor het goede doel. Op een weblog hield ze de buitenwereld op de hoogte over haar voorbereidingen op de tocht en toen…ging het hele project niet door. Maar met fietsen stopte ze niet en het schrijven gaf ze evenmin op. “Ik begon het steeds leuker te vinden. Zo leuk zelfs dat ik in 2011 freelance journalist werd. Ik schrijf over de twee zaken waar ik erg van houd: de wielersport en het theater. Op dit moment loopt de wielerjournalistiek beter dan de schrijfopdrachten over het theater. Wat ik schrijf varieert van interviews met wielrenners voor Wieler Revue tot productreviews over fietscomputers voor het magazine Grinta! Tja, van alles eigenlijk. Columns heb ik ook gedaan. Een belangrijke nieuwe stap in mijn schrijfloopbaan is dat ik sinds kort eindredacteur ben van FEMININ, een tijdschrift dat zich volledig op het vrouwenwielrennen richt. Toch zou ik ook meer over theater willen schrijven, want daar ligt mijn hart. Wielrennen is mijn sport, theater is mijn passie, zeg ik altijd. Maar het ontbreekt me aan tijd en daarnaast heb ik geen heel duidelijk beeld van de stappen die ik zou moeten zetten om verder te komen in de theaterjournalistiek. Voor wat betreft de wielerjournalistiek had ik dat wel.”

Voeten kapot
Het is een langgekoesterde wens van Jeanine om een actieve rol te vervullen in de theaterwereld. “Nadat ik mijn vwo-diploma had behaald vond ik mezelf met mijn 17 jaar te jong om gelijk door te gaan naar de Toneelschool, dus ik besloot om eerst een studie Politieke Wetenschappen te volgen. Daarna zou ik wel zien. In die drie jaar heb ik heel veel gedanst, maar zo fanatiek dat ik daar mijn voeten kapot mee heb gemaakt. De droom om zelf ooit aan theater te doen moest ik laten varen omdat dat fysiek te belastend bleek. Daar heb ik nu vrede mee, maar ik wil er nog steeds graag aan bijdragen dat mensen die wel voldoende talent hebben, verder komen in de theaterwereld. Het is geen doel voor de korte termijn, maar ooit wil ik me meer gaan bezighouden met theaterproductie.”

Koersen met de profs
Ook wat betreft de sport werkte Jeanines lijf niet altijd mee. “Ik heb echt een heel zwak gestel. Als kind kreeg ik overal last van. Voetbal en hardlopen kon ik vergeten vanwege mijn enkels en knieën, van tennis of squash kreeg ik pijn in mijn polsen. Fietsen bleek een van de weinige sporten die ik pijnloos kon doen omdat mijn gewrichten dan niet zulke klappen krijgen te verwerken. Echt een verademing toen ik dat ontdekte. Ik ben er heel fanatiek mee aan de gang gegaan. In 2010 kocht ik mijn eerste racefiets en een jaar later begon ik met koersen. Gekkenwerk eigenlijk, maar ik was zó enthousiast. In het vrouwenwielrennen is het deelnemersveld heel klein, dus als je wilt koersen moet je gelijk meefietsen met de professionals. In dat eerste jaar startte ik zo’n beetje bij elke race, maar na een kilometer of tien moest ik vaak al opgeven omdat ik te ver achterop raakte ik bij het peloton. Ik trainde te veel en luisterde niet goed naar mijn eigen lichaam. Mijn trainer en ploegleider gaven me wat dat betreft geen goede begeleiding. Daardoor raakte ik overtraind. Inmiddels ben ik overgestapt naar een ploeg en trainer die beter bij me passen.”

1480502_747528795261520_1388676394_nBoek over de Giro
In november 2013 verscheen Strijd in het vrouwenpeloton, een boek dat Jeanine samen met Jan Willem Verkiel schreef. De ondertitel luidt de Giro door de ogen van Marianne Vos en Ellen van Dijk en dat is precies wat het is. Het boek geeft een beschrijving van de Giro D’Italia Donne 2011, De Ronde van Italië voor vrouwen, bezien vanuit het perspectief van twee Nederlandse deelneemsters. Op een paar gefingeerde gedachtestromen na is het boek geheel non-fictie, gebaseerd op gesprekken met beide sportvrouwen. Jeanine: “Ik interviewde Ellen van Dijk, en Jan Willem voerde gesprekken met Marianne Vos. Voor beiden trokken we per etappe een hoofdstuk uit. Tien etappes, dus twintig hoofdstukken. De keuze voor Marianne Vos lag natuurlijk voor de hand. De Giro Donne 2011 was de eerste etappekoers die ze won en daarnaast is zij op dit moment de grootste Nederlandse vrouwelijke renner. Om haar konden we dus gewoon niet heen. Ellen kozen we omdat een sterker contrast met Marianne haast ondenkbaar was: op dat moment was ze knecht in een Amerikaanse ploeg en had ze geen ambitie om etappes te winnen. Ook wat betreft persoonlijkheid zijn ze heel verschillend. Ellen is supergrappig en heeft een leuke manier van vertellen – ik hoop dat ik dat in het boek een beetje heb kunnen overbrengen – terwijl Marianne een stuk zakelijker is. Ik vond het geweldig om te doen. Natuurlijk waren er wel momenten dat ik vastzat en dan was het prettig om dat met een co-auteur te kunnen bespreken. Daar heb ik veel van geleerd, en ik zou het nu ook wel alleen aandurven. Maar ik heb nog geen ideeën voor een volgend boek in mijn hoofd.”