Jeanine Laudy

LetterProfessor

INFO@JEANINELAUDY.NL

Denken we ook aan de mannen?

Toen ik vijf jaar geleden voor het eerst op een racefiets stapte, was het vrouwenwielrennen zich al aan het ontwikkelen en aan het groeien. Niet voor niets koos ik er toen pas voor, op 22-jarige leeftijd, om voor het eerst een racefiets te kopen. Eerder had ik er nooit over nagedacht dat ik dat eigenlijk ook kon, terwijl ik wel het mannenwielrennen trouw volgde. Best gek eigenlijk. Maar toen ik mondjesmaat steeds meer vrouwen op een racefiets zag en er steeds vaker vrouwelijke wielrensters werden gevraagd in televisieprogramma’s, kwam ik erachter dat ik dat zelf ook zou kunnen. En dat er best een grote vrouwenwielren-scene is. Ik besloot zelfs niet alleen te gaan wielrennen, maar reed binnen een jaar ook mijn eerste elitekoers. Een nieuwe hobby was geboren.

Maar deze ontwikkeling die destijds al gaande was heeft in de vier jaar sínds ik ben gaan koersen een enorme vlucht genomen. Het aantal vrouwen dat op de fiets stapt is nog verder gegroeid, het vrouwen-profpeloton professionaliseert waar je bij staat, het niveau wordt daarmee in de breedte omhoog gedreven en dat is alleen maar goed voor het vrouwelijke koerswereldje – op elk niveau.

Ik vind het mooi om te zien, die ontwikkeling. Maar één aspect eraan begint me een beetje tegen te staan. En dat is het feit dat mannen tegenwoordig steeds vaker geweerd worden uit dit wereldje. Of het nu gaat om meerijden met vrouwelijke profs tijdens hun trainingskamp, vanuit Nederland naar Parijs fietsen om daar de vrouwen aan te moedigen bij La Course by le Tour de France, discussieavonden of elke andere activiteit die te maken heeft met profvrouwen. Vaak zijn mannen niet welkom en ik vind dat eigenlijk niet oké.

Natuurlijk, men wil een veilige omgeving creëren voor vrouwen, die van zichzelf toch wat onzekerder zijn. Geef mannen een fiets, een wielerpakje en een helm en ze voelen zich al Alberto Contador. Vrouwen vragen zich vaak af of ze het wel (aan)kunnen en of ze niet voor lul staan. Dus daarom begrijp ik de veilige, all women-insteek wel. Maar toch worden de mannen naar mijn mening te veel genegeerd. We moeten niet vergeten dat het nog altijd voornamelijk mannen zijn die naar de dameskoersen komen kijken, het zijn vaak mannen die zich opwerpen of uiteindelijk de beslissing nemen om een dameskoers te organiseren – en financieren die vaak ook nog. En ook mannen vinden het leuk om eens een rondje met Marianne Vos te rijden en met haar te praten over het wielrennen en haar profbestaan.

Daarom hoop ik dat deze ontwikkeling een golfbeweging is, zoals altijd wel het geval is, die nu gewoon een beetje aan het doorslaan is. Maar dat we snel weer enigszins teruggolven. En dat we dan ook de mannen die het vrouwenwielrennen een warm hart toedragen uitnodigen op onze ‘vrouwen’feestjes. Het gaat immers niet om ‘wij’ versus ‘zij’, maar de basis is dat we allemaal van wielrennen houden. De mooiste sport die er bestaat.

kettingstrak-kleinDeze blog werd gepubliceerd op Kettingstrak.nl.