Jeanine Laudy

LetterProfessor

INFO@JEANINELAUDY.NL

Huisarrest

Ik had afgelopen week ‘huisarrest’. Niet omdat iemand me dat had opgelegd, maar omdat mijn lichaam aangaf dat het eerst even een najaarsgriepje uit de weg moest ruimen. Ik heb drie dagen in bed gelegen, waarna de zwakke benen en verhoogde temperatuur zich terugtrokken en de verstopte neus en spierpijn ervoor in de plaats kwamen. Vroeger was ‘t nooit zo erg om ziek te worden. Je kon een paar daagjes school skippen, kreeg extra aandacht van mama en mocht, als je in ieder geval koorts had, onbeperkt waterijsjes eten. Tijdens de studie werd het al anders; naar college gaan is je eigen verantwoordelijkheid, dus ook als je beslist dat je er niet heen gaat omdat je te ziek bent. En als je op jezelf woont is er ook geen mama meer in de buurt om je te verzorgen.
Nu ik wielren is ziek zijn echter absoluut geen lolletje meer en wil ik dat ‘t zo snel mogelijk voorbij gaat. Al bij de eerste tekenen van een griepje of verkoudheidje hoop ik dat het slechts een kleine dip is en dat ik me na twee dagen weer helemaal top voel. Normaal is dat gelukkig ook het geval, maar deze week dus niet. Net nu we nog een aantal dagen erg mooi weer hadden moest ik verplicht mijn lichaam laten aansterken.
Gisteren heb ik mijn fiets voor ‘t eerst weer opgepakt. Eigenlijk nog steeds te vroeg, maar de eerste van de vijf Vacansoleil4Challenge-toertochten startte vanuit Scheveningen. Ik ga er samen met ‘schoonbroer’ K. drie rijden, en we rijden er nog ieder éen alleen – ik die in Scheveningen, K. in Breda. Omdat we ons voor vier toertochten hebben opgegeven mogen we in april de V4C-tijdrit rijden op het parcuit van Zandvoort en sparen we een mooi wielrenpakje, tassenset en tubebox bij elkaar. Ik besloot dus dat er teveel van af hing om deze toertocht te schrappen. En omdat ik toch alleen reed, zou ik mooi een rustig tempo kunnen aanhouden.

5-groepje2Dat was het plan in ieder geval. Maar ik kon me niet inhouden. We mochten per groep van ongeveer 20 starten, omdat we het eerste gedeelte dwars door Scheveningen moesten fietsen en ze niet in éen keer 150 renners de stad in wilden sturen. Ik zorgde dat ik helemaal vooraan stond, zodat ik met de eerste groep mee kon. Toen we vertrokken was het nog heel even rustig warmrijden (sommige wielrenners waren met de auto gekomen en waren pas in Scheveningen op de fiets gestapt), maar daarna gooiden een paar mannen de beuk erin. Zodra ik een groepje zie demarreren wil ik absoluut mee, dus hupsakee, zwaardere versnelling erop en erachter aan.

Het ging eigenlijk best lekker, ondanks mijn nog niet 100% gerecupereerde lichaam. Waar ik op de Swift/Neuteboom Dinsdagavondcompetitie altijd eraf werd gereden door twee gastjes van de Pedaalridders kon ik nu constateren dat twee andere jongetjes uit deze gelederen het tempo niet bij konden houden. Alleen heuvel-op in de duinen, of bij een sprintje merkte ik dat ik mijn hartslag niet omhoog kreeg. Ik moest de mannen af en toe even laten gaan (frustrerend!). Daarbij reed ik ook nog lek in de laatste vijf kilometer, dus ik kon helaas niet over de finish rijden met mijn kopgroepje. Maar het voelde wel weer héérlijk om even op mijn stalen ros te hebben gezeten!
Nu moet ik het bekopen met een iets ferventere verkoudheid, maar komende week houd ik weer goed rust. Daarna ga ik langzaam weer ‘s wat trainen, een beetje in vorm komen voor als de wintertrainingen bij Swabo beginnen!