Jeanine Laudy

LetterProfessor

INFO@JEANINELAUDY.NL

La Flèche Wanzoise en vuile wind

laflechewanzoiseDie week van de eerste koers in dit seizoen was vorige week aangebroken. Op zaterdagochtend werd ik samen met drie ploeggenootjes door de vader van D. naar Wallonië gereden. Een flinke trip, maar gezellig zo met de meiden onderling. En heerlijk als je met je beentjes onderuit een beetje kunt wegdommelen of muziek kunt luisteren. Ik was vergeten hoe heerlijk het koersen en alles er omheen ook alweer is. Het koersseizoen is begonnen! Ik was echter ook vergeten hoe ontzéttend zenuwachtig ik word als je met de auto aankomt bij de start- en/of finishplek. Mijn owowowowowowooooh! werd voor wat ernstigs aangezien, maar het was slechts een uiting van mijn zenuwen. Gelukkig had D. er ook een beetje last van. Het was voor ons immers de eerste koers dit seizoen, J. en N. hadden Le Samyn er al op zitten. Bij het inrijden zagen we de steile en lange helling die een paar honderd meter voor de finishstreep lag. Daardoor werden we er niet geruster op… De start ging al niet vlekkeloos, met een renster direct voor me die niet goed in haar pedaal kwam, waardoor ik helemaal achteraan in de wedstrijd begon. Ik was bezig naar voren te rijden toen ineens een Italiaanse en Zweedse renster hard ten val kwamen. We waren nog geen kilometer in koers en zaten op een brede, vlakke weg. Waarom moeten die rensters op déze weg vallen?! Dit is het makkelijkste stukje weg!! En waarom moet dat precíes in het wiel vóór me gebeuren?!, dacht ik geïrriteerd. Want hoewel ik een valpartij van mezelf kon voorkomen, moest ik hierdoor wel het grind op aan de linkerkant van de weg. En voordat ik weer op de gewone weg was, was het peloton alweer op volle gang gekomen. Ik perste alles uit mijn benen om terug te komen en dat lukte ook enigszins. Maar ik hing er op het eind van het peloton aan en het lukte me niet meer om verder naar voren op te schuiven. En toen die steile en lange klim voor de finishstreep er aan kwam, was het voor mij bekeken. Met mijn laflechewanzoise-2niet-klimmers-benen en hartslag nog in zone D6 van de terugfietsactie. Gefrustreerd meldde ik me af bij de jury, die mijn naam wel bijzonder mooi uitsprak toen ze omriepen dat ik met een ‘mechanische fout’ de wedstrijd verliet. Tja, niet echt dus, maar daar kon ik me op dat moment niet druk om maken. Ik was teleurgesteld dat ik in deze eerste wedstrijd door een stom valpartijtje in de eerste kilometer niet kon zien hoe mijn vorm nu eigenlijk was. Ik had de wedstrijd waarschijnlijk niet uitgereden, want ook D. en S. (die zelf naar België was gereden) werden vroegtijdig uit de wedstrijd gehaald en het hele peloton bestond uiteindelijk alleen nog uit dames die ofwel Het Nieuwsblad ofwel Le Samyn hadden gereden. Maar ik had nu niet kunnen zien hoe ik er echt voor stond. En naar Wallonië rijden om nog geen 10 km in koers te zitten, daar vraag je uiteraard ook niet om. Gisteren heb ik het leed een beetje geprobeerd te verzachten met een trainingskoers op De Coureur. Samen met oud-Swabistes en nu UCI-rensters A. en N. reden we met een flinke delegatie naar Maassluis. Daar stonden ook een Avanti-maatje en een Jan van Arckel-vriendje en –vriendinnetje aan de start. Dus het was in elk geval erg gezellig! Helaas is het leed niet compleet weggenomen, want twee-en-een-halve ronde dubbeling kon ik niet voorkomen. Dat kwam onder andere door ‘vuile wind’, waarover ploeggenootje S. een grappig stukje schreef. Maar ik merk wel duidelijke verbetering ten opzichte van vorig jaar. Dus daar houd ik me dan maar eventjes aan vast. Echt ontevreden ben ik (inmiddels) niet meer, maar ik had wel wat mooiere scenario’s kunnen bedenken voor mijn eerste koersweekend!

Foto’s: Daily Peloton/Bart Hazen